De Antichrist ontsluierd

Op 8 oktober 2000 wijdde Paus Johannes Paulus de 2de (op basis van zijn zichzelf aangemeten titel van Plaatsvervanger van Christus) de wereld en het nieuwe millennium toe aan “de meest Heilige Maria.”[1] Deze godslasterlijke “Acte van Toewijding aan de Meest Heilige Maria”, welke alleen maar aan God toekomt, is een bespotting van het Eerste Gebod. Deze Pauselijke officiële en aanstotelijke acte zou elke Christen moeten waarschuwen voor het feit dat de Paus zich tegen Christus verzet door middel van deze, valse!, aanbidding terwijl hij formeel claimt “de ware plaatsvervanger van Christus”[2] te zijn. De Ware Plaatsvervanger van Christus is echter de Heilige Geest. Hij alleen is gezonden om de plaats van de Heer in te nemen en om niet van zichzelf te getuigen, maar van Christus ( Johannes 15:26). Het gewicht van deze lering en bewering om vanuit deze goddelijke rol te handelen ligt in het degenereren van de goddelijke persoon van de Heilige Geest. De Antichrist is ook anti-Heilige Geest.

Op 5 September 2000 verklaarde de Kerk van Rome met volle zelfverzekerdheid, “dat de volheid van de genade en waarheid [van de Heere Jezus Christus alleen] toevertrouwt is aan de Katholieke Kerk.”[3]

Terwijl men hier de goddelijke rechten van Christus na-aapt en openlijk tegenspreekt, is Hij de Enigste die vol van genade en waarheid is. De Schrift verklaart ons dat het noodzakelijk is te geloven in de Heere Jezus Christus alleen, van wie men “den overvloed der genade en der gave “der rechtvaardigheid” [4] ontvangt. Tegen(over) Hem staat vandaag het decreet van Rome dat de Kerk bevestigd dat voor de gelovigen de sacramenten van het Nieuwe Verbond noodzakelijk zijn voor de behoudenis. ‘Sacramentele genade’ is de genade van de Heilige Geest welke door Christus gegeven wordt overeenkomstig het desbetreffende sacrament.”[5]

Wat hier niet wordt bijverteld is dat Rome’s zichtbare sacramenten stevig beheerst worden door de Kerkelijke hand en onmisbaar verklaard zijn en de Heer der Heerlijkheid met Zijn Evangelie vervangen heeft. Onwankelbaar houd daarom de Kerk van Rome vandaag de dag ook nog vast aan het Unum Sanctum, welke leert dat, “ Wij verklaren, spreken, definiëren en proclameren dat elke mens vanwege de noodzakelijkheid van de behoudenis volledig onderworpen is aan de Roomse Kerkelijke macht.”[6] Het vertrouwen op deze fysieke tekenen in plaats van direct geloof in de Heere Jezus Christus is de misleiding van het Pausdom, welke subtiel het geloof doet afwijken van de Persoon van Christus tot tekenen die geclaimd worden als krachten.[7] Bovendien hebben er meer gebeurtenissen plaatsgevonden waar de Paus openlijk het Evangelie tegensprak, zoals op 13 mei van het ‘Jubeljaar’ 2000. Er zijn ook historische gebeurtenissen waarin de meest vreselijk zonde geopenbaard werd, zoals de onlangs gedocumenteerde betrokkenheid van Paus Pius de XIIIde in Hitlers regering van de Dood.[8] Al deze dingen zouden de Christenen moeten doen beseffen dat men in het ambt van het Pausdom de lijn van die mensen dient te zien die de Schrift ook wel de Mens der Zonde noemt, want het Pausdom geeft de titel van Plaatsvervanger van Christus aan haar Pausen.

Eén Heer, Eén Heilige Vader

De Kerk van Rome leert op basis van haar autoriteit dat haar Soevereine Pontifex met recht de “Meest Heilige,”[9] en tevens “de meest Heilige Roomse Pontifex” wordt genoemd. Dit, tezamen met de gebruikelijke titels van “ Heiligste Vader”[10] en “Plaatsvervanger van Christus”, vormt de volle betekenis van de definitie van de Antichrist welke ons gegeven is door de Apostel Johannes. “Wie is de leugenaar, dan die loochent, dat Jezus is de Christus? Deze is de antichrist, die den Vader en den Zoon loochent.”[11] DePaus, in het zichzelf aanmeten van deze titels, stelt zich op tegen de Heere Jezus Christus en de Heilige Vader in de hemel, door te beweren dat hij deze ambten bezit.

Zulke hoogmoed verbreekt ook op schaamteloze wijze de Nieuwe Verbondswet van Christus welke ons leert dat, “gij niemand op aarde Vader noemen zult; Want Eén is uw Vader, namelijk Die in de hemelen is.” [12] Christus Jezus verklaarde: “Eén is uw Meester, namelijk Christus; en gij zijt allen broeders.”[13] De Paus verklaard zichzelf tot “Meest Heilige,” “Heilige Vader,” en “de ware plaatsvervanger van Christus.” De Paus zijn bewering is dezelfde als die vastgelegd is in Jesaja 14:14, “Ik zal den Allerhoogste gelijk worden.” De Schrift spreekt over zulk een die de Vader en de Zoon ontkent door deze titels zichzelf aan te meten. Met de woorden van de Schrift proclameren wij: “Wie zou U niet vrezen, Heere, en Uw Naam niet verheerlijken? Want Gij zijt alleen heilig; want alle volken zullen komen en voor U aanbidden….”[14]

De Historische oorsprong van de Antichrist

Door de Geschiedenis heen kwamen de omstandigheden die de komst en het karakter van Christus profeteerde zo briljant overeen, dat in het verleden Gods volk Zijn Naam daarvoor bejubelden.

Eveneens dankt Gods volk Hem voor het afschilderen van de Antichrist.

De Heer heeft zelf de uitlegging bevestigd dat er een specifieke vervulling zou komen in de rol van de Antichrist, toen Hij sprak: “ want de overste dezer wereld komt,”[15] Evenzo zei Christus Jezus, “Ik ben gekomen in den Naam mijns Vaders, en gij neemt Mij niet aan; zo een ander komt in zijn eigen naam, dien zult gij aannemen.”[16]

Johannes, de geliefde discipel, die zijn Meester in Zijn voetsporen volgde, zegt heel nadrukkelijk, “ en gelijk gij gehoord hebt, dat de antichrist komt…”[17] Johannes bevestigt, dat ondanks dat er in zijn tijd al vele tegenstanders (vele antichristen) van Christus waren, deze krachten van tegenstand uiteindelijk gecentreerd zouden worden in één entiteit.

Ondanks het incorrecte populistische geloof zijn de pausen niet de opvolgers van de apostel Petrus. Zij zijn echter de opvolgers van de Romeinse Keizers. De geschiedenis leert ons dat de titel: “ Opperste Hoge Priester “ officieel gegeven is aan de Bisschop van Rome door Keizer Justinianus in de 6de eeuw[18]. Daarom kwam deze taak van “ Opperste Hoge Priester “ (welke titel al 1500 jaar door de Rooms Katholieke Kerk wordt gehanteerd) van een afvallige seculiere bron, terwijl de Bijbel ons leert dat er maar één Opperste Hoge Priester is, namelijk de Heere Jezus Christus die daarvoor is aangesteld door God.

De Wolk der Getuigen van de Christelijke Geschiedenis

Vanaf de tijd dat de Vaudois en de Waldenzen vervolgd werden en door de lange tijd heen van de Inquisitie, de Lollards, de Bohémiens, en de gelovigen uit de Reformatie, verstonden zij allen wat de Taak van Christus inhield en welke de valse was, namelijk de Antichrist. De ijver en de moed van vele van deze martelaren was gebaseerd op hun overtuiging dat zij de Antichrist wederstonden. Vandaag de dag is het “politiek correct” om je eigen onwetendheid over de identiteit van de Antichrist te verklaren. In deze tijd waarin de Oecumenische beweging hoogtij viert, is het noodzakelijk om weer inzicht te krijgen in de bijbelse uitleg van profetieën die in de Schrift genoemd worden en die hun wortels enuitwerking in de geschiedenis hebben in plaats van ze simpelweg naar een toekomstige tijd van rampspoed te verwijzen.

De vroegere bijbelgetrouwe gelovigen herkenden in het instituut van de Rooms Katholieke Kerk de Antichrist. Deze identificatie was bekend en er werd ook als dusdanig over gesproken door velen die door de Middeleeuwen heen hun stem verhieven.

Om eens enkele namen te noemen: Dante Alighiere, Johannes Wycliff, Johannes Huss en Savonarola. Tijdens de Reformatie kunnen we de volgende namen noemen: Maarten Luther, Willem Tyndale, Johannes Calvijn, Thomas Cranmer, Hugo Latimer, Nicolaas Ridley, Johannes Bradford en Johannes Foxe. In de 17de en 18de eeuw verschijnen de volgende namen: Johannes Bunjan, de vertalers van de King James bijbel, de mannen die de Westminster en Baptisten Geloofsbelijdenissen hebben opgesteld, Sir Izaak Newton, Jonathan Edwards, George Whitefield, John Wesley. Namen die we kunnen noemen van meer recenter tijd: Charles Haddon Spurgeon, Bisschop J.C. Ryle en Dr. Martyn Lloyd-Jones. Al deze mannen en vele met hen waren bekend met de precisie van de Bijbel betreffende Christus en de Antichrist. Het Geschreven Woord heeft haar vervulling gehad in de geschiedenis, zowel in Licht als in Duisternis.

Zoals een zijde handschoen waarmee een hand is bedekt, zo zijn de gebeurtenissen van de geschiedenis bekleed met de profetie van de Schrift.

Vandaag de dag is het “religieus correct” om zich te onthouden van over de Antichrist te spreken tenzij er over gesproken wordt vanuit een toekomst scenario wat toch niet geanalyseerd kan worden, omdat in zo een scenario nog het meeste moet plaatsvinden. Dit is een toepassing van het “tolerantie beginsel” van vandaag dat de scherpte van de accuratie en striktheid van het Zwaard des Woords heeft bot gemaakt. Zulk een tolerantie leert ons dat we de waarschuwingen van Christus en de Apostels Johannes en Paulus niet in historisch perspectief moeten zien, maar dat het toegepast moet worden op een nog te komen politieke leider die zal verschijnen in het einde der tijden. Terwijl veel moderne Bijbelleraars veronderstellen dat een in de toekomst verschijnende Politieke leider de komende Antichrist zal zijn, terwijl de Bijbelse Antichrist eerst een afvallige is van het geloof en politiek alleen regeert vanuit zijn afvallige machtspositie.

In dit document verhandelen we in het bijzonder 2 Thessalonicenzen 2:3-12, welke een van de vele teksten betreft die de antichrist ontsluierd en die een introductie vormt op meerder teksten.

De Mens der Zonde verschijnt

De Apostel stelt het heel duidelijk, “Dat u niemand verleide in enigerlei wijze; want die komt niet tenzij dat eerst de afval gekomen is, en dat geopenbaard is de mens der zonde, de zoon des verderfs.” (v. 3) De Man der Zonde zou verschijnen als de uitwerking van de “afval” of “apostasia” (“afvalligheid” in het Nederlands). Het is heel duidelijk dat er eerst een afval zou komen op grote schaal welke zou leiden tot de verschijning van de Mens der Zonde. Afvalligheid kan alleen maar plaatsvinden in de belijdende kerk van God omdat er iets moet zijn waar men van af kan vallen. Het embryo van de zonde welke zou leiden tot deze afval en de openbaring van de Mens der Zonde wasreeds aan het werk in de tijd van de Apostel, daarom zei hij, “Want de verborgenheid der ongerechtigheid wordt alrede gewrocht.”(v. 7) De Schrift spreekt ergens anders over “De verborgenheid der Godzaligheid”, “De verborgenheid der Godzaligheid is groot: God is geopenbaard in het vlees…” (1. Timoteüs 3:16) Als we dit vergelijken met vers 7, spreekt hij precies het tegenovergestelde, namelijk “verborgenheid der ongerechtigheid”, dat is, de ontluiking van de Mens der Zonde, de Zoon des Verderfs.

De “verborgenheid der ongerechtigheid” zou zich snel laten zien in de zichtbare vorm als Mens der Zonde. De uitkomst van deze afval zou gepaard gaan met “alle verleiding der ongerechtigheid.” Zulke een afval zou gekenmerkt worden door middel van Hypocrisie en verleiding in plaats door openlijke vijandschap. En die afval zou zich aan de wereld vertonen als rechtvaardig en heilig. De definitie van Afval bestaat uit onbetrouwbaarheid en valsheid, een terugtrekken van en afwijking van het Evangelie en de ware godzaligheid.

De “wie” en de “wat” welke de komst van de Mens der Zonde tegenhield (vv. 3,6 & 7)

Er was iets wat de komst van de Mens der Zonde verhinderde, ja, tegenhield. Een beperking die zijn komst tegenhield. Let op het feit dat deze beperking een ding wordt genoemd in vers 6 dat spreekt over “wat”, terwijl vers 7 spreekt over “hij”. Let op de apostel zijn ongebruikelijk gereserveerdheid om de ware identiteit te openbaren van deze beperkingofschoon de thessalonicenzen verstonden wat hij bedoelde toen hij zei: “En nu, wat hem wederhoudt, weet gij…” Het is van groot belang om de historische achtergrond te kennen waarin de 2de brief van Paulus aan de Thessalonicenzen is geschreven zoals die is weergegeven in Handelingen 17:1-10. Daar worden de gebeurtenissen die plaatsvonden toen Paulus in Thessalonica was vóór dat deze brief werd geschreven, uitgelegd. In deze tijd werd een politieke aanval tegen Paulus en Silas ingezet door de Joden die zeiden dat,:” en al dezen doen tegen de geboden der keizers, zeggende dat er een andere Koning is, namelijk een Jezus.” Dit was niet een religieuze aanval, maar een aanval tegen de “Keizer”, welke is, tegen het Romeinse Rijk. Dit alles was duidelijk voor de Apostel en de Thessalonicenzen. Als de Apostel zou hebben geschreven dat deze beperking het Romeinse Rijk zou zijn, zou dit lijken op een steunen van een politieke opstand. Uit vers 6 en 7 bleek voor de Thessalonicenzen heel duidelijk dat de Apostel hier sprak over het Romeinse rijk en de Keizer. Het Romeinse Rijk en de Keizer verhinderde op voorzienige wijze de verschijning van de Mens der Zonde voor een korte tijd.

Als we daarom de tijd willen kennen waarin de Mens der Zonde zal verschijnen, dan moeten we de hele passage van ver 1 tot 12 in haar context lezen. De Mens der Zonde verschijnt en wordt uiteengezet na de verwijdering van hem “ die hem zal weerhouden” (v.7). In de vorige vers, namelijk vers 6, herinnert Paulus de gelovigen aan het feit dat zij wisten wat hem weerhoudt. Wat wisten de gelovigen over wat hem weerhield? Zij wisten dat het Romeinse Keizerrijk alles en iedereen in de gaten hield en volle controle uitoefenden.

In het denken van de Thessalonicenzen was het Rome en Rome alleen die de komst van de Mens der Zonde tegenhield. ( Dat de vroegste gelovigen zoals Tertullianus en Hieronymus deze overtuigingen hadden, is goed gedocumenteerd.)[19] In de loop van de geschiedenis is precies vervuld wat opgeschreven is in de Schrift. Ten eerste verplaatste Keizer Constantijn de Keizerlijke zetel naar Constantinopel. Deze verhuizing bood alle mogelijkheden die maar gewenst konden worden voor de groei van de machtswellustige bisschoppen van Rome. Interne corruptie en externe druk verwoeste het Romeinse Keizerrijk. Het was alleen na de breuk in het Romeinse rijk, uit welke ontstonden het West- en Oost Romeinse Rijk, dat hetPausdom overwicht kreeg over de Civiele overheden, en de Mens der Zonde steeds meer zichtbaar werd. Toen het Roomse Pausdom de macht verwierf, welke het keizerrijk daarvoor voor eeuwen had, welke bestond uit een macht over zowel de sfeer van de Overheid als de Religie, werd de Antichrist herkend en gezien door de Vaudois en vele anderen. In de hele lijn van de geschiedenis is het moeilijk om een serie van gebeurtenissen te zien die meer accuraat overeenkomst met dit profetische standpunt dan die wij in dit stuk innemen.

De Plaats waar de Mens der Zonde verschijnt.

De Apostel verklaart onmiskenbaar de plaats waar de Mens der Zonde zichtbaar zou worden, namelijk:”Die zich tegenstelt en verheft boven al wat God genaamd of als God geëerd wordt, alzo dat hij in den tempel Gods als een God zal zitten, zichzelven vertonende dat hij God is.” (v.4) Hij zou verschijnen in de “tempel Gods.” Het woord “tempel” wordt voortdurend door de Apostel gebruikt om het volk van God te beschrijven. Bijvoorbeeld, “Zo iemand den tempel Gods schendt, dien zal God schenden; want de tempel Gods is heilig, welke gij zijt.”[20] Dit alles getuigt van het feit dat de Mens der Zonde zou voortkomen uit Gods Volk als resultaat van zijn afval welke voorzegd is in het voorafgaande vers.

Zichzelf vertonende dat hij God is

De autoriteit en waarheid van Gods geschreven Woord is van zulk een belang dat de Schrift verklaart dat, “Gij vanwege Uw gansen Naam Uw Woord groot gemaakt hebt.” (Ps 138:2) De Here Jezus Christus zei dat,” De Schrift niet gebroken kan worden,” sprekende over het Absoluut Karakter van Gods Geschreven Woord welke Hij verhoogd heeft boven Zijn naam. Vele zijn onwetend over het feit dat de essentie van 2 Thess.2:4 de officiële aanspraak en praktijk is van het Pausdom. Dit is voornamelijk gedocumenteerd in Rooms Katholieke bronnen. Vers 4 van de brief leert ons,”… dat hij in den tempel Gods als een God zal zitten, zichzelven vertonende dat hij God is.” In de Rooms Katholieke leringen wordt daarom dan ook consequent gesproken over de Paus als “Zijne Heiligheid.” Zulk een titel kan echter alleen maar op God slaan. God is het Enigste Wezen die van zijn eigen natuur heilig is.[21] Wat betreft de zichzelf aangemeten titel van de Paus welke is “Zijne Heiligheid” beweert de Rooms Katholieke kerk dat daar de volgende eigenschappen aan verbonden zijn:

“De Soevereine Pontifex bezit krachtens zijn ambt een onfeilbare autoriteit om als Hoogste Herder en Leraar van alle gelovigen hen te leren… Hij proclameert met een definitieve gezagsdaad dat een geloofsdoctrine of moraliteit dient gehouden te worden.”[22]

In de pauselijke bewering van het “onfeilbaar leergezag,” ligt de eigenschap van Gods onfeilbaarheid onder vuur. Zodoende verhoogd de Paus zichzelf middels Rome’s officiële bewering “boven al wat God genaamd wordt.”[23]

De verdiende gerechtigheid van Christus Jezus na zijn Opstanding gaf Hem “alle macht… in hemel en op aarde.” (Matth.28:18) Echter de pauselijke bewering wordt officieel als volgt uitgedrukt:” De Paus geniet op basis van Goddelijke ordinantie de hoogste, de volledigste, de onmiddellijke en meest universele macht in de zorg voor zielen.”[24] Door dit te beweren, terwijl deze macht alleen aan de Heere Jezus Christus toebehoord, verhoogt de Paus zichzelf “ boven al wat God genaamd wordt.” Hoeveel gezond verstand is er nodig om buitenechtelijke affaires als overspel te betitelen? Hoeveel officiële godslastering is nodig voordat we hem die zichzelf “Zijne Heiligheid” noemt te identificeren als de Mens der Zonde?

Op extravagante wijze en ogenschijnlijk zonder blikken en blozen vervult het Rooms Katholieke ambt van het Pausdom de tekst van de Thessalonicenzen-brief en haar definitie van “de Antichrist.” Het is erg belangrijk om te beseffen dat het Griekse woord voor antichrist niet alleen de betekenis van tegen Christus in zich draagt, maar, nog belangrijker de betekenis heeft van plaatsvervanger van Hem. Dat het Pausdom beide betekenissen van dit Griekse woord op levendige wijze heeft uitgeleefd door zich tegen de Heer Jezus Christus te stellen middels Zijn plaats in te nemen, kan het best gezien worden in de poging zich zijn kracht en positie als Profeet, Priester en Koning aan te meten. De volledige en opperste macht behoort alleen aan de Godmens Christus Jezus toe, die vrijmachtig in een ieder van Zijn Kerk handelt. Dit wordt bewezen in Efeze 1:22-23,“En heeft alle dingen Zijn voeten onderworpen, en heeft Hem der gemeente gegeven tot een Hoofd boven alle dingen; Welke Zijn Lichaam is, en de vervulling Desgenen, Die alles in allen vervult.”

De Rooms Katholieke Kerk dicht zich volgens haar officiële leer Zijn Goddelijke Positie toe, “De Roomse Pontifex heeft op basis van zijn ambt als Plaatsvervanger van Christus als Herder van de Volledige Kerk het volledige, hoogste en meest universele macht over de ganse Kerk. Een macht welke hij altijd ongehinderd kan gebruiken.”[25] Hij is de ergste en grootste vijand van Christus die onder de pretentie van dienstbaar te zijn aan Christus Zijn unieke ambten te bedekken en zich Zijn Positie en kracht aan te matigen.

De verdorvenheid binnen het Rooms Katholieke systeem heeft zulke gruwelijke proporties bereikt dat het moeilijk is om alle gedocumenteerde bewijsvoering tegen hen nog bij te kunnen houden.[26] Terwijl de overtuiging betreffende de natuur van de afvallige kerk van het Woord van God komt, bewijzen de gruwelen van deze dag dat de verborgenheid der ongerechtigheid aan het werk is.

Overgave van wil en denken

De Wet van Rome eist volkomen onderwerping van denken en wil aan hem die “ zichzelven vertonend dat hij God is.” De officiële wet van de Rooms Katholieke Kerk stelt dat het noodzakelijk is om de hoogste faculteiten, namelijk die van het denken en de wil, niet te onderwerpen aan God, maar aan de Roomse Pontifex.

“Een religieuze eerbied van het intellect en de wil, zelfs de instemming van het geloof, dient gegeven te worden aan de leringen van de Soevereine Pontifex of het college van Bisschoppen op het gebied van geloofszaken en moraal als ze zich bedienen van het authentieke magisterium zelfs als ze het niet proclameren als definitieve handeling; daarom dienen de christelijke gelovigen in alle voorzichtigheid alles te mijden wat niet in overeenkomst is met die leringen.”[27]

Rome eist dit niet alleen, maar eist ook in Canon 1371 dat de consequenties voor het niet gehoorzamen van deze leringen bestraft moet worden met een “rechtvaardige straf”.[28]

Te doen geloven dat men de Plaats van Christus Zelf, als Profeet, Priester en Koning heeft ingenomen en te doen geloven dat men in Zijn persoon handelt, is het zelfde als te zeggen “…dat hij in den tempel Gods als een God zal zitten, zichzelven vertonende dat hij God is.” Dit is nu exact de bewering van Pauselijk Rome.

Het dogma welke gegeven is in de Code van de Canonieke wet van Rome zet zijn tanden in deze bewering door veeleisende onderwerping en beloofde straf voor hen die niet gehoorzamen.

Het doel en de intentie van de Mens der Zonde

De apostel Paulus schijnt opzettelijk uitdrukkingen te gebruiken die voornamelijk naar Christus verwijzen om zo het optreden van de Man der Zonde te beschrijven, zoals de uitdrukkingen: “Openbaren”, “Komst” en “verborgenheid”. Dit lijkt erop dat het Satans opzet is om Christus te vervangen door zijn eigen man. Het doel wordt genoemd in vers 4: “:”Die zich tegenstelt en verheft boven al wat God genaamd of als God geëerd wordt, alzo dat hij in den tempel Gods als een God zal zitten, zichzelven vertonende dat hij God is.” Dit, wat we hier gedocumenteerd hebben, is de bewering en de wet van Pauselijk Rome. Vers 9 beschrijft hoe dit doel van Satan uitgevoerd dient te worden, “Hem, zeg ik, wiens toekomst is naar de werking des satans, in alle kracht en tekenen en wonderen der leugen.” De Mens der Zonde zou komen met alle kracht en tekenen en bedrieglijke wonderen, in “alle verleiding der onrechtvaardigheid.” [29]

Zoals de Heere wonderen werkte door de bediening van de Apostelen om hun ambt te bevestigen, zo werkt Satan met de Antichrist om zijn zogenaamde ambt met valse wonderen te onderstrepen en te doen dienen ter omverwerping van het Evangelie. De Mens der Zonde doet een poging om Christus te personifiëren en is tegelijkertijd in contrast met Hem. Hij probeert Zijn positie in te nemen, maar hij is totaal verschillend van Hem en het tegenovergestelde van Hem. Hij eigent zich Zijn plaats en Zijn voorrechten toe. Hij is in de verste verte niet een ware vertegenwoordiger van Hem, maar hij vertegenwoordigt zich als Zijn grootste vijand. Zoals Christus handelt voor God, zo handelt de Mens der Zonde voor Satan, die hem gebruikt voor zijn eigen doel, zoals de tekst leert dat de komst van de Mens der Zonde is “naar de werking des satans.

Het doel en de intentie van de Mens der Zonde wordt ook weergegeven in zijn tweede naam, namelijk “de zoon des verderfs”. Dit refereert naar Judas, die pretendeerde een discipel te zijn van Christus terwijl hij de Zoon des Mensen verraadde met een teken wat liefde en loyaliteit voorstaat. De Zoon des verderfs is een heimelijke vijand terwijl hij zich ogenschijnlijk voordoet als een vriend. Hij is een goed gekend vertrouweling maar tegelijkertijd een fatale vijand die verraad pleegt middels een kus terwijl hij zegt dat hij zijn meester en Heer dient. Hij is een Judas wiens komst is “ naar de werking des satans” met behulp van “ alle kracht en tekenen en wonderen der leugen.” Zij die onder zijn invloed staan worden beïnvloed door een “kracht der dwaling.” Zij hebben van hun kant meer “welbehagen in de ongerechtigheid” omdat ze “de liefde der waarheid niet aangenomen hebben.

Als ontkenning van het Evangelie van Christus heeft de vorige Paus Johannes Paulus II de identiteit en oorsprong van het visioen van Maria te Fatima, wat zo’n “wonder der leugen” is,bekrachtigd. Hij kondigde het volgende af:

“Volgens het Goddelijke plan is “de vrouw, bekleed met de zon”( Openb.12:1) nedergedaald van de hemel naar de aarde om de bevoorrechte gelovigen te bezoeken… Ze vraagt hen zichzelf op te offeren als slachtoffers voor de herstelbetaling hen verkondigende dat ze klaar was om hen veilig naar God te leiden. En zie, zij zagen een stralend licht van haar moederlijke handen welke doordrongen tot in hun innerlijk zodat ze zich op voelde gaan in God…”[30]

Het Uiteindelijk einde van de Mens der Zonde

En alsdan zal de ongerechtige geopenbaard worden, denwelken de Heere verdoen zal door den Geest Zijns monds, en tenietmaken door de verschijning Zijner toekomst.” (v 8) Vers 8 leert ons het einde van de Mens der Zonde. Deze Mens der zonde die geopenbaard werd nadat de macht van het Romeinse keizerrijk verwijdert was, zal zijn werk voortzetten tot “de Heere hem verdoen zal door den Geest zijns Mond en tenietmaken zal door de verschijning Zijner toekomst.” Dit is een verwijzing naar de 2de komst van Christus. De Here heeft in dit vers voorspelt de vernietiging van de regering van de Mens der Zonde welke zal geschieden door het Woord van de Heere en welke hem zal reduceren tot niets. Hij zal volledig en in elk opzicht verwoest worden op deze Laatste dag.

In de tussentijd mogen we de overwinning van het Evangelie in dit vers reeds zien. De Apostel herhaalt de waarheid van de Heere gesproken in Jesaja 11:4, “Maar Hij zal de armen met gerechtigheid richten en de zachtmoedige des lands met rechtmatigheid bestraffen; doch Hij zal de aarde slaan met de roede Zijns monds, en met den adem Zijner lippen zal Hij den goddeloze doden.” De Heere zijn kracht is altijd het grootst gebleken in de dag dat het meest nodig was. Hij geeft dan hulp aan de verslagenen en armen van geest. Het karakter van God in Zijn genadevol Evangelie is “den Geest Zijns monds.

Door de hele geschiedenis heen wordt dit vers begrepen en beleefd op de door ons gestelde wijze. Het Evangelie is “ een kracht Gods tot zaligheid een iegelijk die gelooft.”[31]

Herhaaldelijk heeft het “Evangelie van Genade” in de loop van de geschiedenis overwinningen geboekt op de Mens der Zonde. De Vaudios, de Waldenzen ,de mannen van de Reformatie en alle echte opwekkingen hebben de Heere hem zien slaan met de roede van Zijn Mond en de Adem van Zijn lippen. Zijn kracht wordt gezien als Zijn goedgunstigheid moedig werd geproclameerd en ieder die gered wordt “ om niet worden gerechtvaardigd, uit Zijn genade, door de verlossing die in Christus Jezus is.”[32]

Conclusie

Niemand dan God is in staat om van te voren de “verborgenheid der ongerechtigheid” zo te omlijnen dat we er openlijk het Pausdom en de Rooms Katholieke Kerk in kunnen herkennen. Niemand kon dit van te voren bedenken, alleen God kan dit voorspellen. Dat een mogendheid voor God handelt en te zijn “als God” temidden van de Christelijke Kerk, spottende met Zijn waarheid en Zijn eigen Heiligheid gaat elke verstand te boven. Corruptie, fraude en valse pretenties hebben deze wereld voor eeuwen geregeerd vanuit de zelfde stad die op 7 heuvels is gelegen, als het Heidense Romeinse Keizerrijk eens regeerde met militaire kracht. Als dit niet zo duidelijk door des Heeren Woord was beschreven en gezien werd in het verleden en in de meer recente geschiedenis, dan zou dat door niemand verwacht zijn. Het profetisch beeld van de verdorvenheid van dit systeem wat rond de Antichrist is gebouwd, demonstreert de Goddelijke inspiratie van de Bijbel en de macht en autoriteit van Onze Here God.

Om dit duidelijke getuigenis van Gods geschreven Woord aangaande het fundamentele ambt van de Antichrist te ontkennen en een leer te prefereren die niet kan geverifieerd worden door de tekst zelf noch de tand des tijds kan weerstaan, betreft een serieuze zaak. Het verduistert de wijsheid van de Goddelijke profetie en ontkent het ware karakter van de dagen waarin we leven. Terwijl Futurisme beweert dat de Wederkomst van Jezus Christus nabij is, verwoest het tegelijkertijd het historisch tijdsraam van Zijn tegenstander, de Antichrist, welke essentieel is om een juist begrip te hebben van de vervulling van de profetie. De Historische invulling van deze voorspellingen betreffende de afval is een essentieel element van wat de Heere heeft voorspelt in Zijn Woord. De Heere heeft uitgelegd over zichzelf dat, “ alle dingen vervuld moesten worden, welke geschreven waren in de wet van Mozes, en in de Profeten, en in de psalmen betreffende Hem.” Zo is ook de inhoud van wat is geschreven over het ambt van degene die tegen Hem is vervuld. De waarheid van het Evangelie en het Profetisch woord heeft veel landen uit de afgrond van bijgeloof en tirannie bevrijd en geleidt tot bijbelse vrijheid en economische groei zoals bij de Vaudois, de Waldenzen, de Bohémiennes en zij die leefden in de Reformatie en de tijd van de Inquisitie.[33]

Veel boeken over Futurisme is het werk van oprechte en toegewijde mannen Gods. Desalniettemin faalt men om de tegenwoordigheid van de Antichrist in ons midden ten toon te stellen, waardoor de volken op heel effectieve wijze opnieuw verlokt worden tot slavernij.

De Historische interpretatie van de profetieën is terug te vinden in de meeste plechtige geloofsbelijdenissen van de Christelijke wereld. Het vormt de leidende factor in het getuigenis van de Martelaren en de Reformatoren. Zoals de profeten van vroeger, droegen deze heilige mannen een tweevoudige getuigenis uit. Zij getuigden voor de waarheid van God en tegen de Afval van hen die zich voor deden als Christenen. Hun getuigenis was dat Pauselijk Rome het Babylon was van de profetie die leerde dat :” de grote stad, die het koninkrijk heeft over de koningen der aarde”[34] en dat haar hoofd, de Roomse Pontifex, de voorspelde “Mens der Zonde” ofwel de Antichrist is.


[1] Het hoogtepunt van de bijeenkomst van de Bisschoppen tijdens het Jubeljaar vond plaats tijdens het vieren van de Mis door de Paus en de Bisschoppen op het Sint-Pietersplein op zondagmorgen, 8 oktober. Tienduizenden gelovigen verzamelden zich voor de heilige liturgie welke beëindigt werd met de Acte van toevertrouwing aan de Meest Heilige Maria.” L’Osservatore Romano, wekelijkse editie in English 11 October 2000.htm
[2] Henry Denzinger, “Unam Sanctum”, Nov.18, 1302, The Sourcer of Catholic Dogma, Tr. By Roy J. Deferrari, 30th ed. of Enchiridion Symbolorum, rev. By Karl Rahner, S.J. (St.Louis, MO: B.Herder Book co., 1957) #694. Zie ook de Cathechism of Catholic Church (San Fransisco: Ignatius Press, 1994) #882 & #936).
[3] Dominus Iesus, Sectie 16 Http://www.vatican.va/roman_curia/congregations/cfaith/documents/rc_con_cfaith_doc_200008 06_dominus-iesus_en.html
[4] Romeinen 5:17
[5] Cathechismus, #1129. Het vetgedrukte gedeelte in deze citaten indiceert de nadruk welke is toegevoegd in dit stuk.
[6] Denzinger, #469.
[7] In de Cathecismus bij vraag 1116 wordt gemeld dat, “de Sacramenten ‘krachten’ zijn die voortkomen van het Lichaam van Christus [ lees, de Rooms Katholieke Kerk], die voor altijd leeft en het leven geeft…”
[8] John Cornwell, Hitler’s Pope: The Secret History of Pius XII (New York, NY 10014: Viking, 1999).
[9] Denzinger, #649.
[10] The Catholic Encyclopedia, Robert Broderick, ed. (Nashville, TN: Thos. Nelson Inc., 1976) p. 217
[11] 1 Johannes 2:22 [12] Mattheüs 23:9
[13] Mattheüs 23:8
[14] Openbaringen 15:4
[15] Johannes 14:30
[16] Johannes 5:43
[17] 1 Johannes 2:18. De Griekse grondtekst leer hier dat de antichrist zal komen.
[18] LeRoy Edwin Froom, The Prophetic Faith of our Fathers, 4 vols. (Washington DC: Review and Herald Publishing Assn.,1978) Vol I, pp.511-517)
[19] Froom, Vol I, pp.257-258, pp.443-444.
[20] I Corinthe 3:17; zie verder Efeze 2:1, II Corinthe 6:16
[21] Openbaringen 15:4, 1 Samuel 2:2
[22] Code of Canon Law, Latin-Eng. Ed.(Washington, DC: Canon Law Society of America, 1983) Can.749, Sect. Alle canons zijn genomen uit deze bron en in het Nederlands vertaald, mits anders vermeld.
[23] Het Griekse woord voor “boven” kan ook vertaald worden als “in de plaats van” of “zoveel als”. Zie Strong’s Hebrew-Greek Dictionary, #1909
[24] Catechismus, #937.
[25] Catechismus, #882.
[26] http://www.iconbusters.com/iconbusters/lechery/current-lechery1.htm Deze bron verwijst ook naar Rooms Katholieke bronnen die verder bewijzen dat de verborgenheid der ongerechtigheid aan het werk is.
[27] Canon 752
[28] Canon 1371, Para.1 De volgende dienen gestraft te worden met een rechtvaardige straf: 1. Een persoon die uitgezonderd de zaak die genoemd wordt in canon 1364, 1, een doctrine leert die de Roomse Pontifex of een Oecumenische concilie veroordeelt en die in opstandigheid de leringen verwerpen die genoemd zijn in Canon 150, [Para.] 2 of die vermeldt zijn in canon 752, welke naar gewaarschuwd te zijn door de Apostolische Zetel of door de aartsbisschoppen in de jurisdictie van zijn provincie of diocees, niet herroept;”
[29] Zie Quite Contrary: a Biblical Reconsideration of the Apparitions of Mary by Timothy F. Kauffman (Huntsville AL 35804: White Horse Publications, 1993). Zieook Graven Bread: The Papacy, the Apparitions of May, and the Worship of the Bread of the Altar, door dezelfde Auteur
[30] http://www.vatican.va/holy_father/john_p…/hf_jp-ii_hom_ 20000513_beatification- fatima_en.htm 6/1/00. Kijk ook op onze website voor onze kritiek op Fatima: JP II, RCC Contradict Gospel: Where do Evangelical ECT Signatories Now Stand?
[31] Romeinen 1:16
[32] Romeinen 3:24
[33] John W. Robbins, Ecclesiastical Megalomania: The Economic and Political Thought of the Roman Catholic Church, (ISBN 0-94031-52-4; USA: The Trinity Foundation, 1999) pp.13-24.
[34] Openbaringen 17:18